Voorzieningen worden gevormd voor verplichtingen en verliezen waarvan de omvang of tijdstip van de uitstroom van middelen op de balansdatum onzeker is, doch redelijkerwijs is in te schatten.
Bedragen * € 1.000 | |||||
|---|---|---|---|---|---|
Voorzieningen | Boekwaarde | Toegevoegd | Aangewend | Vrijval | Boekwaarde |
Voorzieningen voor verplichtingen/ verliezen/ risico's | 01/01/2025 | 31/12/2025 | |||
Pensioen gewezen wethouders | 2.792 | 1.615 | -195 | 0 | 4.212 |
Wachtgeld gewezen wethouders en burgemeester | 0 | 217 | -80 | -137 | 0 |
Verlofsparen | 533 | 430 | -13 | 0 | 950 |
Voorziening verlofsparen wsw | 157 | 24 | -5 | 0 | 176 |
Voorziening verlofdagen | 578 | 413 | -353 | -17 | 621 |
Reparatie 3e jaar WW | 41 | 0 | 0 | 0 | 41 |
Voorziening verlieslatende projecten | 98 | 18 | -23 | -3 | 90 |
Personele verplichtingen | 0 | 410 | 0 | 0 | 410 |
Subtotaal | 4.199 | 3.127 | -669 | -157 | 6.500 |
Voorzieningen voor groot onderhoud | |||||
Groot onderhoud Wegen | 1.186 | 0 | 0 | -1.186 | 0 |
Groot onderhoud Gemeentelijke eigendommen | 2.012 | 471 | -1.530 | 0 | 953 |
Groot onderhoud Buitensportaccommodaties | 642 | 360 | -44 | 0 | 958 |
Groot onderhoud Baggeren | 483 | 340 | -181 | 0 | 642 |
Groot onderhoud Civiele Kunstwerken | 489 | 1.160 | -405 | -400 | 844 |
Groot onderhoud Wegen - achterstallig | 767 | 0 | 0 | -767 | 0 |
Groot onderhoud Civiele Kunstwerken - achterstallig | 723 | 0 | -723 | 0 | 0 |
Subtotaal | 6.302 | 2.331 | -2.883 | -2.353 | 3.397 |
Voorzieningen voor middelen van derden waarvan de bestemming gebonden is | |||||
Afkoop uitgifte graven | 374 | 65 | -66 | 0 | 373 |
Afkoop onderhoud graven | 383 | 66 | -77 | 0 | 372 |
Afkoop grafrechten nazorg | 40 | 0 | 0 | -2 | 38 |
Dirk van Sliekerfonds | 205 | 0 | -8 | 0 | 197 |
Gemeentelijk rioleringsplan | 6.214 | 0 | -1.071 | 0 | 5.143 |
Rente Nazorg | 1.024 | 34 | -18 | 0 | 1.040 |
Exploitatie NAM terrein | 73 | 0 | 0 | 0 | 73 |
Subtotaal | 8.313 | 165 | -1.240 | -2 | 7.236 |
Totaal | 18.814 | 5.623 | -4.792 | -2.512 | 17.133 |
Toelichting
Het totaal van de voorzieningen ultimo 2025 bedraagt € 17,1 mln. (2024: € 18,8 mln.) en is in 2025 afgenomen met € 1,7 mln. BInnen de verschillende voorzieningen is sprake van toe- of afnames welke hieronder per voorziening worden toegelicht.
Pensioenverplichtingen (gewezen) wethouders
Deze voorziening is gevormd om aan de toekomstige verplichting pensioen voor wethouders te kunnen voldoen. De pensioenen van politieke ambtsdragers, waaronder wethouders, vallen momenteel onder de Algemene pensioen- en uitkeringswet politieke ambtsdragers (Appa). In het kader van de Wet Toekomst Pensioenen (WTP) is besloten dat ook deze groep zal overgaan naar het nieuwe pensioenstelsel. Een belangrijk onderdeel van deze overgang is de overdracht van de opgebouwde pensioenaanspraken naar het pensioenfonds ABP. Vooruitlopend op deze wijziging heeft een onderzoek plaatsgevonden naar de waarde-overdracht. Deze waarde is vergeleken met de voorzieningen die per ultimo boekjaar 2024 in de jaarrekening was opgenomen. In de ramingen is rekening gehouden met deze bedragen. UIteindelijk zijn per ultimo 2025 de nieuwe actuariële berekeningen opgesteld en wordt rekening gehouden met de actuele dekkingsgraad van het ABP. Per saldo is een bedrag van 1,6 miljoen toegevoegd aan de voorziening.
Wachtgeld gewezen wethouders en burgemeester
In 2025 bij het vertrek van de burgemeester een wachtgeldvoorziening gevormd tot en met de pensioendatum. In verband met het vervroegen van de pensioendatum, is eind 2025 het restant van wachtgeld vrijgevallen ten gunste van het resultaat. Na de verkiezingen in 2026 zal de wachtgeldvoorziening mogelijk weer worden gedoteerd.
Voorziening verlofsparen
De voorziening is gevormd in verband met de in 2022 geïntroduceerde regeling verlofsparen, waarbij werknemers hun bovenwettelijke vakantie-uren kunnen opsparen tot een maximum van 3600 uur. Voor de medewerkers die zich reeds hebben aangemeld voor deze regeling is een voorziening opgenomen.
In 2025 is het saldo van de voorziening flink toegenomen. BIj de jaarrekening 2024 is een voorziening getroffen voor exceptionele overschotten aan verlofdagen. Medewerkers moesten in 2025 een plan maken voor het inzetten van deze uren. Een groot deel van de uren zijn omgezet naar spaarverlof.
Voorziening verlofsparen wsw
Sinds 2024 zijn de activiteiten van Stichting Werkplus ingebracht in de gemeentelijke administratie. Dit betreft de voorziening verlofsparen van de medewerkers die onder de wsw vallen. Het verlofsparen is gemaximeerd tot maximaal 3600 uur bij een fulltime dienstverband.
Voorziening verlofdagen
In 2025 is opnieuw geïnventariseerd in hoeverre sprake is van exceptionele verlofsaldi van de medewerkers. Hierbij is een overschot van 200 uur als exceptioneel aangemerkt. Ondanks dat een hoop uren zijn omgezet in spaarverlof, is per jaareinde alsnog sprake van een toename. Dit betreft medewerkers die vorig jaar nog onder de 200 uur zaten met hun verlof en dit jaar boven de 200 zijn uitgekomen. In 2026 zullen opnieuw afspraken gemaakt worden over het terugdringen van deze verlofuren en ook het voorkomen van dit soort excessen. Een voorziening is getroffen voor de openstaande verlofuren hoger dan 200 uur.
Voor de wsw-medewerkers zijn alle verlofdagen opgenomen in de voorziening. Deze saldi zijn op 1 januari 2024 vanuit de Stichting Werkplus ingebracht in de gemeentelijke begroting.
Reparatie 3e jaar WW
De opbouw en de maximale duur van de WW-uitkering zijn per 1 januari 2016 verkort door wijzigingen in de Wet werk en zekerheid. In de Cao Gemeenten 2016 –2017 is door de sociale partners afgesproken om deze versoberingen van de WW te repareren. Deze reparatie heeft in de rechtspositie van de gemeenteambtenaar vorm gekregen door het invoeren van een zgn. reparatie-uitkering (3e) WW (-jaar). Om de reparatie-uitkering te bekostigen, is vanaf 1 januari 2018 een kostendekkende werknemerspremie ingevoerd waarmee gemeenten zelf het derde jaar WW kunnen financieren. Die werknemerspremie is per 1 januari 2018 vastgesteld op 0,1% van het salaris en de toegekende salaristoelage(n). Het saldo van de jaarlijkse premie-inkomst wordt dan gedoteerd aan de voorziening (reparatie 3e WW-jaar). Jaarlijks zal dan op basis van de actuele omstandigheden, en conform voorschriften BBV, de voorziening (eventueel) worden bijgesteld (toevoeging danwel vrijval). Die eventuele bijstelling zal dan zijn afgestemd op de dan bekend zijnde informatie rond WW-verplichtingen. De aanspraken (facturen) t.z.t. van de bovenwettelijke werkloosheidsuitkering 3e WW-jaar worden dan ten laste van die voorziening gebracht. Vanaf 1-1-2021 wordt de premie bij medewerkers van de gemeente Edam-Volendam ingehouden en gedoteerd aan de voorziening.
Vanuit de CAO is de inhouding (tijdelijk) komen te vervallen, waardoor er geen mutaties zijn.
Verlieslatende projecten
Deze voorziening dient ter dekking van de nog te verwachten kosten op anterieure overeenkomsten, die niet te verhalen zijn op derde partijen.
Personele voorzieningen
Dit betreft geschatte kosten die naar verwachting in 2026 en verder gemaakt worden als gevolg van personele aangelegenheden die zijn oorsprong vinden in boekjaar 2025. Te denken valt aan werkloosheidsuitkeringen (de gemeente is eigen risicodrager) of vertrekregelingen. De hiermee gemoeide toekomstige kosten worden gedekt uit de voorziening in plaats van uit de reguliere exploitatie.
Voorziening groot onderhoud
De voorziening dient ter egalisatie van de kosten van groot onderhoud. Een jaarlijks gelijkblijvende dotatie is opgenomen in de begroting. In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen wordt verantwoording afgelegd over de bestedingen.
In 2025 is op basis van een evaluatie over het werken met onderhoudsvoorzieningen en op basis van voortschrijdend inzicht besloten dat voor het groot onderhoud van wegen de componentenbenadering het best passend is voor het verwerken van de kosten van groot onderhoud. Dit komt mede doordat groot onderhoud in de praktijk nagenoeg altijd levensduurverlengend is. De raad is in 2025 via een raadsinformatiebrief apart geïnformeerd over deze stelselwijziging. Daarnaast is de nota reserves en voorzieningen aangepast op dit punt.
In 2025 is tevens gebleken dat het achterstallig onderhoud voor civiele kunstwerken in 2024 al nagenoeg geheel is uitgevoerd. De lasten van groot onderhoud zijn in 2024 onttrokken aan de reguliere voorziening, terwijl dit eigenlijk uit de aparte voorziening voor achterstallig onderhoud had moeten worden onttrokken. Dit is in 2025 gecorrigeerd. De voorziening voor achterstallig onderhoud komt hiermee op nihil.
Afkoop uitgifte graven
Deze voorziening is gevormd om in de toekomst gelegen lasten te kunnen dekken. De gefactureerde bedragen voor afkoop grafrecht wordt in de voorziening gestort. De storting in de voorziening wordt verdeeld over de jaren waarop deze afkoop betrekking heeft. De jaarlijkse aanwending uit de voorziening dient om de werkelijk gemaakte lasten in het product beheer begraafplaats te dekken.
Afkoop onderhoud graven
Deze voorziening is gevormd om in de toekomst gelegen lasten te kunnen dekken. De gefactureerde bedragen voor afkoop grafonderhoud wordt in de voorziening gestort. De storting in de voorziening wordt verdeeld over de jaren waarop deze afkoop betrekking heeft. De jaarlijkse aanwending uit de voorziening dient om de werkelijk gemaakte lasten in het product beheer begraafplaats te dekken.
Afkoop grafrechten nazorg
In 2021 is de begraafplaats Volendam in beheer van de gemeente gekomen, waarbij een 'bruidsschat' is ontvangen welke is gedoteerd aan de voorziening. Een deel van dit ontvangen bedrag is specifiek geoormerkt voor de graven van de slachtoffers van de nieuwjaarsbrand, waarvan de rechten tot 2053 zijn afgekocht. Dit deel is opgenomen als separate voorziening.
Dirk van Sliekerfonds
Deze voorziening is gevormd naar aanleiding van de wilsbeschikking van Dirk van Slieker en de oprichting van het Dirk van Sliekerfonds. Ten aanzien van de besteding van deze gelden zijn duidelijke richtlijnen verbonden. Deze richtlijnen zijn vastgelegd in de verordening "Stimuleringsfonds behoud uiterlijk aanzien historische gebouwen". De gelden zijn bestemd voor het behoud en herstel van het uiterlijk aanzien van historische gebouwen. In de bijlage van deze verordening is een lijst opgenomen met panden die mogelijk in aanmerking kunnen komen voor een bijdrage uit dit fonds. Een bijdrage uit dit fonds wordt slechts gehonoreerd voor zover het subsidieplafond voor het jaar waarin de subsidie wordt gevraagd dit toelaat. Het jaarlijkse subsidieplafond is gebaseerd op het in de jaarbegroting van dat jaar vastgestelde bespaarde rentepercentage maal de boekwaarde van de voorziening per 1 januari van het betreffende verslagjaar.
Gemeentelijk Rioleringsplan
Een riolering voorziening betreft een "gesloten systeem" onder het BBV. Dit houdt in dat de inkomsten uit de rioolheffing uitsluitend bestemd zijn voor de kosten van de gemeentelijke rioleringstaak . Dit betekent dat de rioolheffing kostendekkend moet zijn en dat overschotten of tekorten via een specifieke voorziening op de balans worden beheerd, en niet zomaar in de algemene middelen van de gemeente kunnen vloeien.
HIervoor vindt een toerekening van baten en lasten plaats. Het saldo van de opbrengsten en de uitgaven bepaalt of sprake is van een dotatie of een onttrekking aan de voorziening. In 2025 is sprake van een uitgave op het product Riolering € 1,1 mln. en dit bedrag is onttrokken aan de voorziening.
Rente Nazorg
Deze voorziening is gevormd als gevolg van het gesloten convenant tussen de gemeente en de verschillende belangengroepen in het kader van de nazorg. De budgetten, Budget Kostenregeling, Budget v/m CRN en Budget uitvoeringskosten zijn vanaf 2007 niet meer op aparte bankrekeningen geadministreerd, maar zijn onderdeel van de gemeentelijke liquiditeiten. Elk jaar wordt 2% rente toegevoegd aan de voorziening op basis van het saldo van de budgetten aan het begin van het betreffende verslagjaar.
Exploitatie NAM-terrein
In 2020 is een compensatievergoeding van € 75.000 ontvangen van BPD om 12 jaar lang (tot 2034) het NAM terrein te beheren als gebied voor weidevogels. Deze bijdrage is in 2020 toegevoegd aan het saldo begroting en vervolgens toegevoegd aan de Algemene reserve. Om aantoonbaar het NAM terrein 12 jaar lang te beheren als weidevogelgebied is het eerder ontvangen bedrag (in de winternota 2022) overgeheveld van de Algemene reserve naar een nieuwe voorziening, genaamd NAM terrein. Van de vergoeding zullen de kosten van het beheer worden voldaan en wordt een rapport door een ecoloog opgesteld. De werkzaamheden zijn nog niet gestart, omdat er nog zeldzame vogels in het gebied zitten die eerst weg moeten.
