Onze financiële positie
Het college heeft voortdurend oog voor de externe ontwikkelingen en de financiële mogelijkheden die de gemeente heeft. Een verantwoord financieel beheer voor de korte én lange termijn vormt hierbij het uitgangspunt. Dit om de financiële weerbaarheid van onze gemeente naar de toekomst te kunnen borgen. Dit beleid, en dat van voorgaande jaren, heeft ervoor gezorgd dat onze financiële positie momenteel solide is.
Landelijke context
De gemeente opereert in een financieel kader dat in belangrijke mate wordt bepaald door het gemeentefonds en specifieke uitkeringen vanuit het Rijk. In de afgelopen jaren is sprake geweest van toenemende onzekerheid over de ontwikkeling van deze rijksmiddelen. Met name de herijking van het gemeentefonds en wijzigingen in de normeringssystematiek hebben geleid tot schommelingen in de algemene uitkering.
Daarnaast staat de financiële positie van onze gemeente onder druk door stijgende kosten in het sociaal domein, loon- en prijsontwikkelingen en een groeiende investeringsopgave, terwijl de rijksmiddelen hier niet altijd evenredig meegroeien. Dit vraagt om scherpe keuzes binnen de beschikbare financiële ruimte.
Investeringen en schuldontwikkeling
Onze gemeente is ambitieus en staat voor grote investeringen in de Purmer, de Lange Weeren, de renovatie Julianaweg en de onderwijshuisvesting. Deze investeringen leiden naar verwachting tot een stijging van de schuldenlast in de komende jaren.
In het licht van deze investeringsplannen is in 2025 ingezet op het periodiek actualiseren en analyseren van de cashflowprognoses. Aan de raad zijn verschillende schuldquotescenario’s voorgelegd ter ondersteuning van de besluitvorming en om de schuldquote binnen veilige marges te houden.
Financiële positie en vooruitblik
Door bezuinigingen vanuit het Rijk wordt in de meerjarenbegroting nadrukkelijk gezocht naar mogelijkheden om toekomstige tekorten structureel op te vangen.
Het rekeningresultaat over 2025 is positiever uitgevallen dan bij de winternota werd voorzien. Dit resultaat wordt grotendeels verklaard door incidentele meevallers en onderbestedingen binnen de organisatie. Deze zijn in de diverse programma’s nader toegelicht. Het positieve resultaat draagt bij aan een verdere versterking van het weerstandsvermogen. Deze versterking is noodzakelijk, gezien de toenemende financiële risico’s en de meerjarige investeringsopgave waar de gemeente voor staat. Tegelijkertijd staat de liquiditeitspositie onder druk als gevolg van de geplande investeringen.
Dit vraagt om blijvende zorgvuldigheid bij de inzet van algemene middelen en een continue afweging tussen financiële ruimte en bestuurlijke ambities.
